Ken je snijsla? Van de vele soorten sla spreken kroppen veel tuiniers aan door hun volle groei, de knapperigheid of de dikte van hun bladeren. Maar zodra je ze hebt geoogst, moet je ze opnieuw zaaien … in tegenstelling tot de sla waarover ik je vandaag ga vertellen!

Snijsla bestaat vooral uit pluksla, en dan met name uit eikenbladsla , maar ook uit de verschillende variëteiten die samen mescluns vormen. Deze slasoort vormt geen krop: de vrij dunne, gladde of gekrulde bladeren staan in min of meer dichte rozetten. Hoewel ze er visueel misschien iets minder aantrekkelijk uitzien (alhoewel …), bieden ze veel voordelen en verdienen ze een plek in de moestuin.

  • Snijsla groeit … en groeit snel weer aan

Zoals de naam al zegt, kun je deze sla afsnijden. Je oogst de sla zonder de wortel uit te trekken, maar snijdt eenvoudigweg de bladeren af. Het bijzondere (en productieve) voordeel is dat de bladeren snel weer aangroeien. Niet eindeloos natuurlijk, maar minstens twee of drie keer. Je oogst naar behoefte, vanaf het jongebladstadium of later, wanneer de bladeren volgroeid zijn.

  • Je kunt bijna het hele jaar door zaaien!

Deze kleine slasoorten zijn gemakkelijk te telen en kun je bijna het hele jaar door zaaien: meestal onder glas van oktober tot februari en buiten van maart tot september.

Je kunt ze zaaien zoals jij dat wilt: pluksla zaai je in perskluitjes of kweekpotjes (zo voorkom je dat naaktslakken en slakken ervan eten), of je zaait de sla rechtstreeks in de volle grond, in rijen of breedwerpig, vooral bij mescluns.

  • Groen dat overal kan groeien: in de moestuin of in een pot

Snijsla neemt minder ruimte in dan kroppen sla of cichorei en heeft bovendien als voordeel dat je haar bijna overal kunt telen. Je kunt de sla apart planten in een speciaal deel van de moestuin, maar ook tussen de rijen van andere groenten zetten. Die zijn meestal goede buren en zorgen in de zomer voor schaduw.

Snijsla is perfect voor iedereen die maar weinig ruimte in de tuin heeft of helemaal geen tuin heeft! In een vierkantemetertuin neemt de sla weinig ruimte in. In de winter kun je haar zelfs in huis telen en daarna op het balkon of de vensterbank zetten, in een pot, bloembak of zelfs in een verticale tuin.

Teelt van snijsla

In een bloembak of onder glas in de winter: snijsla is gemakkelijk te telen

  • Snijsla: een ruime keuze

Deze slasoorten zijn er met groene, blonde of paarse, gladde of gekrulde bladeren en bieden een ruime keuze aan kleuren, structuren en smaken. Het is eenvoudig: er is voor ieder wat wils! Tot de bekendste variëteiten behoren de pluksla, waaronder eikenbladsla, Salad Bowl (rood of groen) en de prachtige Lollo Bionda en Lollo Rossa.

Als je vooral houdt van variatie en het gemak van zaadmengsels, kies dan voor mescluns. Ze zijn niet alleen “alles-in-één”, maar bieden ook vaak uitgesproken smaken die zomerse gerechten extra karakter geven.

Tot mijn favorieten behoren:

De biologische mesclun niçois (Ferme de Sainte Marthe). Dit rijke mengsel bestaat onder andere uit sla, cichorei, spinazie, rucola en kervel en is geschikt voor de traditionele Provençaalse mesclun. Het mengsel wordt aangeboden als zaailint, waardoor je zeer snel kunt zaaien en je een groot deel van het uitdunnen bespaart. Zaai: van maart tot juli
Het mengsel “Speedy Mix” (Thompson & Morgan) biedt in één zakje een mooie variatie die razendsnel groeit. Het bestaat uit rucola, tuinkers en oosterse mosterd en heeft een aangenaam pittige smaak. Zaai: van maart tot september.
Het assortiment “The Good Life Mix” (Thompson & Morgan) is perfect voor de teelt onder onverwarmd glas in het late najaar en de winter. Het bestaat uit vrij zeldzame variëteiten (Komatsuna, Mizuna, mosterd en paksoi) die heerlijk smaken en perfect zijn om jonge scheuten te oogsten. Zaai: van maart tot oktober

Kweek jij deze snijsla in de moestuin? Welke variëteiten zijn jouw favorieten?